Mega tekorten, maar scholing flexwerkers geen prio

Medewerker in een AH to Go helpt een klant met de zelfscanner. De supermarktbranche pleit al langer voor tijdelijke contracten met een scholingsbudget.

Mega tekorten, maar scholing flexwerkers geen prio

jul 24, 2018 Nieuwsfeed by vincent

Schreeuwende tekorten, maar scholing van flexwerkers is voor bedrijven geen prioriteit

Werkgevers investeren meer in vaste medewerkers dan in flexibele krachten. Die laatste lopen daardoor een scholingsachterstand op, zo laat onderzoek van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) zien.

Medewerker in een AH to Go helpt een klant met de zelfscanner. De supermarktbranche pleit al langer voor tijdelijke contracten met een scholingsbudget.

Medewerker in een AH to Go helpt een klant met de zelfscanner. De supermarktbranche pleit al langer voor tijdelijke contracten met een scholingsbudget. Foto: Felix Kalkman/HH

Het onderzoeksinstituut waarschuwt dat werkgevers dit als een boomerang zullen terugkrijgen. Werkgevers worden immers steeds afhankelijker van flexkrachten. ‘Als flexwerkers door de snelle veranderingen op de arbeidsmarkt niet over de juiste competenties beschikken, kunnen werkgevers deze mensen ook niet meer inzetten’, zegt directeur Andries de Grip. ‘Daardoor wordt de groep die nu al aan de zijlijn staat steeds groter.’

Dat werkgevers minder interesse hebben om in de scholing van flexwerkers te investeren, is al langer bekend. Het onderzoek dat het ROA dinsdag publiceert, laat zien dat werkgevers nog voorzichtiger zijn dan gedacht, zegt De Grip, tevens hoogleraar economie in Maastricht. ‘Werkgevers denken dat medewerkers nog voor het einde van het contract weg zijn. Daardoor zijn ze extra terughoudend.’

Van tijdelijke medewerkers zonder uitzicht op een vast dienstverband heeft 34% de afgelopen twee jaar een werkgerelateerde cursus gevolgd. Ter vergelijking: bij mensen met een vast contract is dit 56%. Flexwerkers die wel een cursus volgen, doen dit vooral op eigen initiatief. In slechts een kwart van de gevallen komt het idee van de werkgever, ook als de tijdelijke werknemer zicht heeft op een vaste baan. Bij mensen in vaste dienst is dit 35%.

De cijfers bevestigen eerdere signalen van brancheorganisaties en arbeidsmarktexperts over de kwetsbaarheid van flexwerkers. In de bouw zijn de gevolgen van te weinig om- en bijscholing al duidelijk zichtbaar, zegt De Grip. ‘Doordat de bouw tijdens de crisis nauwelijks in medewerkers heeft geïnvesteerd, is de sector impopulair en is er een schreeuwend tekort aan mensen.’

Eigenbelang

De hoogleraar benadrukt dat werkgevers profiteren van investeringen in scholing van flexwerkers, ook als duidelijk is dat de medewerker nooit in vaste dienst komt. ‘Door te investeren in vaardigheden waar de werknemer later ook nog wat aan heeft, krijgt het bedrijf een betere concurrentiepositie op de arbeidsmarkt en krijg je relatief betere flexkrachten. Een bedrijf dat alsnog denkt: “Ik ben geen gekke Henkie”, kan van werknemers eisen dat ze de cursus in hun eigen tijd volgen. Dan betaal je €2000, maar heb je ook twee jaar gemotiveerde medewerkers. Dat verdient een bedrijf terug.’

Experimenteren

Bedrijven kunnen ook experimenteren met regelingen die de binding met het bedrijf versterken, laat het onderzoek zien. Bijvoorbeeld door van tijdelijke medewerkers zonder uitzicht op een vast contract te eisen dat zij het cursusgeld terugbetalen als ze eerder vertrekken. De Grip: ‘Dat is ook in het belang van de werknemer, omdat ze anders het risico lopen op weinig scholing en zo een minder goed cv krijgen.’

Een van de oplossingen is om te zorgen dat flexwerkers directe toegang krijgen tot scholingsgeld, zegt directeur Jurriën Koops van de uitzendkoepel ABU. Zijn branche doet dat via vouchers gefinancierd uit de cao. Ook de kabinetsplannen voor een individuele leerrekening zijn een stap in die richting, al zijn die nog wel behoorlijk pril. ‘Er moet nog wel veel water door de Rijn stromen.’

Koppel scholing los van contract

Voor hoogleraar maatschappijwetenschappen aan de Universiteit Utrecht Peter van Lieshout onderstreept het onderzoek de noodzaak om de rechten op scholing los te koppelen van het type contract. ‘Het tempo waarmee de arbeidsmarkt verandert en flex oprukt, staat in schril contrast met de traagheid van beleid. Ook dit kabinet is heel voorzichtig.’

Van Lieshout verwijst naar Zweden, waar opleidingsfondsen tien jaar geleden al radicale stappen hebben gezet. ‘In Nederland beginnen ze nu pas voorzichtigjes te praten over samenwerking. Er moeten nu grote stappen in regelgeving gezet worden.’