Van Oord en Royal HaskoningDHV redden Britse gasterminal

De Bacton Gas Terminal aan de Britse oostkust dreigde door landerosie in zee te verdwijnen. Bagger- en waterbouwbedrijf Van Oord en ingenieursbureau Royal HaskoningDHV werken daarom aan een zandbuffer, waarmee de terminal de komende 20 jaar veilig is. De zandbuffer van 1,8 miljoen kubieke meter is genoeg om anderhalf Wembley-stadion mee te vullen.Bloomberg
In het kort
De kust van het Engelse graafschap Norfolk erodeert door winterstormen.Dat bedreigt woningen en een strategisch belangrijke gasterminal bij het plaatsje Bacton.Nederlandse bedrijven leggen een beschermende zandbuffer aan, een primeur in het land.
De storm die het kustgebied op 5 december 2013 teisterde, was de zwaarste in 60 jaar en stuwde de golven op tot meer dan 2 meter boven de normale waterstand. De zeewering was niet afdoende en Norfolk werd getroffen door zware overstromingen. Meer dan 200 woningen en bedrijven in de plaatsjes Bacton en Walcott liepen onder water en de bewoners moesten worden geëvacueerd.
Ook de gasterminal werd bedreigd: binnen 48 uur vraten de golven een inham van 10 meter in de kustlijn, waarna nog maar 15 meter land de installatie scheidde van de zee. In de vijf jaar daarna werden verschillende oplossingen onderzocht, terwijl erosie ondertussen nog meer schade aanrichtte.

Primeur in het Verenigd Koninkrijk
Uiteindelijk werd gekozen voor een door HaskoningDHV ontworpen buffer van 1,8 miljoen kubieke meter zand, genoeg om anderhalf Wembley-stadion mee te vullen. De helft hiervan wordt op het strand voor de terminal aangebracht. Het werk aan de 6 kilometer lange buffer, vanaf de Bacton-terminal tot voor Walcott, is in juli begonnen en moet 15 augustus klaar zijn.
'Bij normaal tij zou je de zee tegen de kliffen zien slaan, maar dat zal nu niet meer gebeuren', zei Jaap Flikweert, adviseur bij HaskoningDHV. De operatie wordt ‘sandscaping’ genoemd; het is de eerste keer dat deze methode in het Verenigd Koninkrijk wordt toegepast.

Een mix van zand en water spuit uit een pijpleiding voor de kust van Bacton. 
De Ham-318, een 227 meter lange sleephopperzuiger van Van Oord, vaart drie tot vier keer heen en weer tussen Bacton en het kustgebied voor Great Yarmouth, iets naar het zuiden, waar zand gelijkmatig van de zeebodem wordt weggezogen, zonder gaten achter te laten. Elke keer voert hij zo’n 20.000 kubieke meter zand aan.
Op ongeveer een kilometer voor de kust wordt de Ham-318 verbonden met een drijvende pijpleiding, die is gekoppeld aan een tweede buis op het strand. Zo wordt een mengsel van zand en water op het strand gepompt (foto boven). Daarna schuiven 6 meter brede bulldozers het zand op z'n plaats. Als het meezit, maken ze per dag 240 meter strand. Aanvankelijk zal het nieuwe strand snel wegspoelen, maar naarmate er meer grotere zandkorrels boven op het fijnere zand komen te liggen, zal dit proces steeds trager verlopen.

Twintig jaar bescherming
In de loop van de tijd wordt het zand langs de kust verspreid. Van tevoren is met computermodellen gesimuleerd hoe het nieuwe strand zich zal gedragen en als het werk klaar is wordt nauwkeurig gemeten hoe de buffer bij storm van vorm verandert. Het nieuwe zand moest een specifieke samenstelling hebben en mocht ook niet te ver weg liggen, want dat zou de kosten, die nu al £19 miljoen (€21 miljoen) bedragen, nog verder opdrijven, zei Flikweert. De buffer zal de uit 1968 daterende terminal 15 tot 20 jaar beschermen. Hij had ook zo gemaakt kunnen worden dat hij nog langer meegaat, maar nu hebben de stakeholders — Royal Dutch Shell, National Grid en Perenco UK — de mogelijkheid om in een later stadium te beslissen of ze er nog meer in willen investeren.

Installatie van vitaal belang
De installatie in Bacton bestaat uit zes afzonderlijke importterminals en is van vitaal belang voor de Britse gasvoorziening, omdat het de enige locatie is waar Nederlandse en Belgische pijpleidingen aansluiten op het Britse gasnet. Er komen ook leidingen uit een aantal gasvelden in de Noordzee aan land. De import vanuit het Europese vasteland wordt steeds belangrijker, nu de opbrengst uit de Britse Noordzee-velden afneemt en Centrica, het Britse gasdistributiebedrijf, twee jaar geleden de grootste gasopslag van het land sloot.

Sleephopperzuiger van Van Oord aan het werk voor de Britse kust.
Erosie is in Norfolk al eeuwenlang een probleem. Zo’n 770 jaar geleden verdween er in een dorp in de buurt al een kerk in zee; hetzelfde gebeurde in de negentiende eeuw met de nieuwe kerk die als vervanger was gebouwd. De kliffen van North Norfolk bestaan uit zacht sediment. Als ze door de zee worden weggespoeld, komt dat in zee terecht en stroomt het als een rivier van sediment langs de kust.
De eigenaren van de terminal betalen ongeveer twee derde van de kosten. De zandbuffer zal niet alleen de terminal beschermen, maar ook de lokale gemeenschappen en huizen. Het strand zal groter en beter toegankelijk worden en dat zal het toerisme stimuleren, aldus wethouder Steve Blatch van de gemeente North Norfolk.
Volgens hem zouden zonder de buffer zo’n 200 huizen in de twee dorpen binnen vijf tot tien jaar verloren gaan. In januari 2017 liep er bij een storm opnieuw een aantal woningen onder water. Volgens Blatch is er vooral in de wintermaanden sprake van een 'reële, voortdurende dreiging'.

Over twintig jaar overbodig?
De Britse regering streeft naar een koolstofneutrale energiesector in 2050 en de hoop is dat over twintig jaar, als de zandversterking door erosie is verdwenen, het belang van aardgas zodanig is afgenomen dat de terminal niet meer nodig is. Dit jaar haalt het Verenigd Koninkrijk al meer energie uit lage-emissiebronnen dan uit fossiele brandstoffen, voor het eerst sinds de Industriële Revolutie.
'Ik hoop dat we over 15 tot 20 jaar zijn overgeschakeld op milieuvriendelijker energiegebruik en energieopwekking en dat we meer hernieuwbare energie gebruiken', zegt wethouder Sarah Bütikofer van North Norfolk. 'Op dit moment moeten we de terminal nog beschermen. Het is infrastructuur van nationaal belang, dus we hebben geen keus.'